Op welk probleem is deze interventie/instrument of onderzoek gericht?
Dit deelproject van Cultuur en keten richt zich op de vraag hoe professionals omgaan met complexe veranderopgaven rondom circulariteit, en hoe inzicht in verschillende veranderstijlen kan bijdragen aan betere samenwerking en wederzijds begrip. Daarbij staat niet de vraag centraal welke veranderstijl ‘juist’ is, maar juist hoe verschillende perspectieven elkaar kunnen aanvullen binnen complexe ontwerp- en bouwprocessen.
Wat is het instrument of interventie?
Het gaat om interventieworkshops voor zowel bouwprofessionals als studenten op MBO-, HBO- en WO-niveau. In deze workshops werden deelnemers uitgenodigd om hun eigen opvattingen over verandering te onderzoeken en te spiegelen aan die van anderen. Daarbij werd gewerkt met een model van 4 cultuurverandertypen waarin verschillende leer- en veranderstijlen zichtbaar worden gemaakt.
Het model van cultuurverandertypen is gebaseerd op een matrix met 2 assen. Deelnemers toetsen hun opvattingen over verandering aan de vraag of zij voorstander zijn van top-down of bottom-up bouwtransitie. De andere dimensie gaat in op de leerstijl van deelnemers: beschouwen ze zichzelf meer als doener of denker? Aan de hand van de persoonlijke keuzes stelden we groepen samen die met elkaar hierover uitwisselen en een verhaal samenstellen. Hieraan werden in enkele workshops ook diertypen (mol, arend, mier en bever) gekoppeld om het meer tot de verbeelding te laten spreken en een inspiratiebron mee te geven.
Door de veranderrollen te koppelen aan herkenbare metaforen en later aan concrete circulaire ontwerpvraagstukken ontstond een leeromgeving waarin deelnemers niet alleen reflecteerden op hun eigen rol, maar ook inzicht kregen in de waarde van andere benaderingen.
Hoe is het instrument of interventie geïmplementeerd? In welke setting?
Van de interventieworkshops zijn er inmiddels vijf geweest in de periode 2024-2026 waar tientallen professionals en studenten aan meededen. De doelgroep van de workshops gehouden bij professionals is heel breed, alle partijen uit de keten zijn vertegenwoordigd. De setting was open inschrijving op congressen uit het NGF Cultuur en Keten netwerk rond het thema duurzaam bouwen.
Uiteindelijk doel was te onderzoeken of dit bijdraagt aan de cultuur van de groep, door middel van het kunnen waarderen en leren van andere percepties. De aanname hierbij is dat onderling begrip bijdraagt aan het functioneren van de vaak diverse samenwerkingsverbanden in de bouw.
De workshops kenden een getrapte opbouw, in de zin dat er steeds elementen bijkwamen. Om dit doel te toetsen is in de eerste workshops onderzocht wat beelden van deelnemers zijn ten aanzien van cultuurverandering. Vervolgens vond uitwisseling plaats tussen verschillende cultuurtypen. In de derde workshop werd een element toegevoegd om verandertypen te verbeelden in de vorm van dieren. In de laatste workshop vond tevens een combinatie plaats met het circulair projectmodel waarbij circulaire maatregelen voor een fictief project werden geformuleerd vanuit het perspectief van bepaalde verandertypen.
Welke uitkomsten bij de actie/interventie zijn geobserveerd?
De interventieworkshops rondom cultuurverandertypen binnen de bouwtransitie laten zien dat circulair bouwen niet alleen een technische of organisatorische opgave is, maar nadrukkelijk ook een sociale en culturele uitdaging. De bouwsector opereert in een context van grote financiële, juridische en maatschappelijke belangen, waardoor veranderingen vaak voorzichtig en risicomijdend worden benaderd. Juist daarom is inzicht in verschillende manieren van denken, leren en handelen van grote waarde.
De workshops tonen aan dat het werken met veranderrollen deelnemers helpt om uiteenlopende perspectieven op transitie en circulariteit zichtbaar en bespreekbaar te maken.
Door veranderstijlen te koppelen aan concrete vraagstukken uit circulaire ontwerp- en bouwprocessen ontstaat meer begrip voor elkaars aanpak en bijdrage. Daarbij blijkt dat verschillende rollen elkaar niet uitsluiten, maar juist aanvullend zijn.
De diversiteit aan perspectieven draagt bij aan het vinden van bredere en meer gedragen oplossingen voor complexe uitdagingen zoals hergebruik van materialen, demontabel ontwerpen en samenwerking binnen de keten.
Daarnaast maakt de combinatie van veranderrollen met het circulair projectmodel het mogelijk om abstracte cultuurvraagstukken direct te verbinden aan de praktijk van ontwerp- en bouwprocessen.
Dit vergroot niet alleen het bewustzijn van de eigen rol, maar stimuleert ook waardering voor andere werkwijzen en denkwijzen binnen multidisciplinaire samenwerkingen.
Hoe reflecteren we op de interventie of het instrument?
Concluderend kan reflectie op veranderrollen een bruikbare werkvorm vormen om samenwerking, leervermogen en wederzijds begrip binnen de bouwsector te versterken. Daarmee bieden deze workshops een veelbelovende bijdrage aan de bredere cultuurverandering die nodig is om de bouwtransitie richting een circulaire en toekomstbestendige leefomgeving succesvol vorm te geven.
De koppeling van veranderrollen aan het circulair projectmodel bleek waardevol omdat abstracte cultuurvraagstukken direct werden verbonden aan praktische ontwerpkeuzes. Aanbevolen wordt om cultuur- en gedragsinterventies vaker te integreren in concrete projectcasussen, zodat deelnemers ervaren hoe samenwerking en perspectiefverschillen daadwerkelijk invloed hebben op circulaire oplossingen. De workshops laten zien dat verschillende veranderrollen kunnen leiden tot verschillende perspectieven en oplossingsrichtingen. Het verdient daarom aanbeveling om veranderrollen expliciet onderdeel te maken van ontwerp-, besluitvormings- en samenwerkingsprocessen binnen bouwprojecten. Hierdoor ontstaat meer begrip voor uiteenlopende benaderingen en kunnen complementaire kwaliteiten beter worden benut.
Eerdere transitieprogramma’s en de resultaten van dit onderzoek benadrukken het belang van leren en reflecteren naast technische innovatie. Organisaties wordt aanbevolen om zowel op de werkvloer als in het technisch onderwijs meer ruimte te creëren voor gezamenlijke reflectie op samenwerking, houding en gedrag, bijvoorbeeld via workshops, intervisie of leeromgevingen binnen projecten. Werken met diermetafoorrollen zoals mol, arend, mier en bever maakte de verschillende veranderstijlen toegankelijker en herkenbaarder voor deelnemers. Het gebruik van dergelijke verbeelding kan waardevol zijn omdat zij reflectie, dialoog en onderlinge waardering stimuleren zonder direct te vervallen in organisatorische hiërarchie of functiedenken.